Individuele Fietsvakanties in Azië

Reisverslagen

Indonesië: Fietstocht Bali en Lombok

Door: Renate de Jong
Fietstocht Bali en Lombok: 19 juli t/m 14 augustus 2006
In het voorjaar hebben Fred (55) en ik (49) de fiets- en wandelbeurs in de Rai bezocht. Daar hebben we informatie gevonden voor fietstochten buiten Europa. We hebben voor Bali en Lombok gekozen. Het land is goed toegankelijk, redelijk geciviliseerd en het is er mooi weer tijdens onze vakantieperiode. Politiek gezien ook een rustig land. Qua natuurgeweld was het rustig totdat vlak voor ons vakantiebegin de vulkaan op Java uitbarstte en even later Java door een Tsunami gegrepen werd.
Daar hebben we het nog met een gids op Bali over gehad. Die stelde ons met een glimlach gerust; wij zijn Hindoes en op Java leven Moslims. Wij vereren onze goden. Hij vertelde dit met een overtuiging en een gelukzalige blik; dit is geen kwestie voor een Hindoe!
Uiteindelijk hebben we gekozen voor AWOL als reisorganisatie. De concurrenten waren veel duurder en wij konden hier zelf de vlucht boeken. Dit hebben wij gedaan omdat wij vanuit Bremen wilden vliegen aangezien we in het noordelijke grensgebied wonen. Van AWOL hebben we het Pluspakket gekocht. Bij het lezen van het routeboekje kwamen we erachter dat de auteur maar 5 minuten lopen van ons vandaan woonde. Met haar hebben we contact gezocht. Maar moesten wel geduld hebben omdat zij pas begin juli van Vietnam terugkwam. Van haar hebben we nog leuke tips gehad.
Achteraf gezien zeggen wij, Rabiës is voor Lombok en Bali niet nodig. De ontelbare honden zijn zo uitgemergeld en verzwakt, die lopen ons niet bij het fietsen na. Verder worden de honden op Lombok zo slecht behandeld dat deze wel mensen mijden.


Eindelijk was het 19 juli. Via Bremen, Frankfurt, Singapore kwamen we ’s avonds de volgende dag om 21.30 uur in Kuta aan. Het visum hebben we op het vliegveld geregeld. 25 Dollar en we waren snel door de controles. 20 minuten na landing stonden we met bagage en fietsdozen al buiten en de man van het hotel in Kuta stond met zijn bordje te zwaaien toen hij ons en de fietsdozen zag. Wat een tof begin, alles verliep op rolletjes.
21 juli hebben we benut alles klaar te maken voor de fietstocht. Fietstassen ingepakt, reiskleding laten wassen. Deze heb ik in het hotel achtergelaten voor de terugreis.


22 juli vertrokken wij voor achten naar Pura Tanah Lot. Ondanks het vroege tijdstip was het al enorm druk op de weg. We hebben goed door kunnen fietsen en waren al voor 10 uur bij Tanah Lot. Daarna hebben we de tocht voortgezet, onderweg bij een straatkraam werkelijk heerlijk gegeten. De vegacurries zijn helemaal te gek. Later hebben we ook vlees en vis gegeten,veel fruit en genoten van de gefrituurde snacks. We hebben gemiddeld 15 tot 35 Euro per dag uitgegeven met z’n tweeën.
Aan het einde van de middag arriveerden we in Ubud. We hebben een wandeling door Ubud gemaakt, thee gedronken bij een restaurant met een geweldig uitzicht over de rijstterrassen. Ook hebben we nog een kecak dans voorstelling bezocht. Zeer indrukwekkend.
23 juli vertrokken we om 9 uur. Deze dag stond in het teken van stijgen, maar het was goed te doen. Tegen half elf zaten we al aan de pannenkoeken met banaan. Dat vult goed. Onderweg hebben we drie (achteraf) veel te dure sarongs gekocht. Special price, ten! Wij dachten 10.000 Rupiah, nee 10 Euro! Uiteindelijk kwamen we uit op 100.000 Rupiah voor drie sarongs. Later in de vakantie hadden we drie voor 30.000 Rupiah kunnen kopen. Tja, moeten dit ook leren. Onderweg bezochte we baden met heilig water. De mensen baden er met kleren en al en bieden ook daar van die mooie gevlochten palmbladen gevuld met divers lekkers aan. Ik vind het een zeer sierlijk aandoende ceremonie. Voor de laatste klimmetjes richting Bangli hebben we nog enkele bananen gegeten. In Bangli hebben we in Arta Sastra Inn geslapen. De eigenaar is de schoonzoon en de neef van de oude koning en spreekt Nederlands. Het slapen kost maar 30.000 Rupiah, maar was ook een van de minste plekken. We hebben geweldig gegeten en thee gedronken uit bekers die ik thuis onmiddellijk zou afkeuren. Erg lekker vinden wij de gefrituurde bananen en gefrituurde tempé. Later nog met een jong Zwitsers stel ervaringen uitgewisseld. Zij kwamen uit het oosten en vertelden enthousiast over een rondleiding over de rijstvelden door ene Gusti.
24 juli stonden we voor achten al buiten het koninklijke paleis midden op de markt. Nog wat voedsel voor onderweg gekocht. Bananen, ook gefrituurde, een soort pittige pindareep (erg lekker) en een soort cake. Voordat we Bangli verlieten hebben we nog Pura Dalem bezocht. Mooie indrukwekkende tempel bij het licht van de ochtendzon. Een uur later fietsen we weer verder. De route gaat nu richting het oosten van Bali. Het is dalen en stijgen aan een stuk. Maar wat een mooi uitzicht op rijstterrassen en palmbossen. Ik kan er niet genoeg van krijgen. We informeerde naar een rechtstreekse route naar het oosten. Volgens de kaart kon dat ook. Deze liep uiteindelijk over de rijstterrassen en we moesten flink sjouwen met de fiets. Er komt een gids met een Frans stel ons tegemoet. We vragen naar de weg & hij geeft ons zijn kaartje. Gusti! s’ Middags heeft Gusti ons nog in het waterpaleis rondgeleid en we hebben voor de volgende morgen afgesproken dat hij ons over de rijstterrassen gidst.
25 juli om 8.30 uur met Gusti naar de rijstterrassen. Het was een mooie tocht met prachtige vergezichten. Tegen 11 uur zijn we verder gefietst tot Lepah. Wederom prachtige vergezichten, nu de rijstvelden, palmbossen en in de verte de zee. Vlak voor aankomst moesten we nog iets van 2400 Rupiah aan tol betalen. Kregen wel een reçuutje, maar ik weet het niet. We zijn vaker zogenaamde controle posten tegen gekomen.
In Lepah logeerde we in een mooi hotel met zwembad, even heerlijk bijkomen. We hebben de vraagprijs kunnen terugdringen naar de helft. We hebben er twee leuke dagen gehad.
27 juli vertrekken we al om 7.45 uur. Vandaag hebben we vrij zicht op de Gunung Agung. Wat een mooie berg. Onderweg passeren we enkele marcherende schoolklassen. De meisjes en jongens oefenen apart. Bij de meisjes kan er nog een lachje af, ze zwaaien. Maar de jongens lopen met uitgestrekte gezichten, strak in de maat, maken op een fluitsignaal een stap zijwaarts en weten direct erna verder vooruit te marcheren. De route langs de noordkust is moeizaam. Al om 9.30 uur hebben we het echt warm, op straat is erg druk verkeer en qua natuurschoon valt behalve de Gunung Agung niets te bekennen. Vandaag heb ik veel last gehad van de uitlaatgassen, die soms nog versterkt worden door rookwolken, afkomstig van het verbranden van alle afval dat in de berm ligt.
Al voor de middag proberen we een luxe resort te scoren voor een middagje strand. Vlak voor Tembok kwamen we het bordje Gaia Oasis tegen. Wij zijn op onverharde wegen richting zee afgedaald. Een waar paradijs school achter de Palmbossen. Men had voor een nacht nog een cottage. Prijs was 45 Euro. Ons slaapplaats was de bovenverdieping van een in Balinese stijl gebouwd cottage met uitzicht op zee. Het geheel zou zo in Living gestaan kunnen hebben. Helemaal te gek vind ik die tuinbadkamers. We hebben een heerlijke middag onder de palmbomen op luxe strandbedjes verbracht, gezwommen en genikst.
Ik was al ’s ochtends vroeg wakker en heb zo de zonsopgang beleefd.

De eerste zonnestralen komen over de zee en direct kraait een haan. Ik zat heel stilletjes buiten en opeens zat een eekhoorn op kleine 50cm van mij af op de balustrade. Toen het eekhoorntje mij opmerkte draaide het zich om en verdween net zo rustig weer.
Tegen half tien hebben we ons weer in de uitlaatgassen gestort en flink doorgetrapt. Onderweg hebben we nog gezwommen in een koud waterbron. Heerlijk verfrissend.
In Kubutambahan hebben we uiteraard de tempel bezocht. Ook vandaag is het weer vroeg warm. In Singaraja hebben we een busje aangehouden. Voor 35.000 Rupiah werden wij tot Wanagin gebracht. Het is een zeer steile weg, zoiets moet je met een trekkingbike niet willen.
Boven een shirtje aangetrokken rustig afdalen richting Seririt. Weer zeer mooie vergezichten. De remblokjes maken overuren. Volgende fietsvakantie nemen we een reserve stel remblokjes mee. Het was de tijd van de kruidnageloogst. Op stukken folie lagen de kruidnagels op straat te drogen. Wat een heerlijke geur hing de hele weg in de lucht. Na een hotel geregeld te hebben lopen we nog naar een bron en zwemmen in heerlijk warm water. Het is een druk bezochte bron.
29 juli weer voor acht uur op pad. Na een stevige klim komen wij bij het klooster Brahma Virhara aan. Het is het enige Boeddhistische klooster op Bali. We zijn de eersten en genieten van rust en mooie vergezichten. Daarna zetten we de reis voort richting Permuteran. Het is gewoon fietsen, geen mooie vergezichten.
De kustweg is saai.


30 juli zitten we al om 9 uur in de lobby. We hebben ons voor een toeristisch uitje naar het eiland Pulau Menjangan ingeschreven. Dit moet het mooiste snorkelgebied van Bali zijn. Na ongeveer ¾ met een motorboot gevaren te hebben mogen we in het water. Werkelijk het is fantastisch. Even 50 m richting rif zwemmen, dan gaat het turkoois water over in diepblauw. Onder water heb je een afgrond van tientallen meters, net alsof je bij de rand van een berg staat. Geweldig gezicht. Vele vissen en prachtig koraal. We beginnen aan de terugreis. De wind was flink aangetrokken, de golven waren hoog en de boot had veel moeite om vooruit te komen. Na een spannend uurtje kwamen we weer op Bali aan en er was zelfs een warm water douche.
31 juli, tot Seririt gaan we met de bemo, dat stukje hadden we al gefietst.
1 augustus, voor acht uur zitten we al op de fietsen. Het wordt weer mooier om te fietsen, want we zitten op een parallelweg van de kustweg. Om 9:45 uur zitten we al met onze fietsen in een grote bus naar Lake Batur (± 1300m). De bus doet er goed 1,5 uur over voordat wij boven zijn.
Wat een uitzicht, de Gunung Batur en ernaast Lake Batur. Eigenlijk raak je niet uitgekeken. Het einddoel voor vandaag is Pandangbai. Tussen de vrachtauto’s door lieten we ons naar Padangbai rollen. Leuke dorpjes, velen waren onderweg naar een ceremonie, dus we zagen veel vrouwen met prachtig opgemaakte offers op hun hoofd. Tegen 17.15 uur waren we in Pandangbai. De laatste 20 km was vlak tot vals plat en Fred is daar voorop gefietst. Ik heb in zijn wiel gehangen om het tempo te kunnen houden. We hadden 90 fietskilometers erop zitten.

Gauw op zoek naar een kamer en alles voorbereiden voor de volgende dag. We beginnen met de Malarone (malariaprofylaxe) Het is toch heerlijk om je fietsen mee te hebben. Even naar het havenkantoor fietsen en informeren over de boot naar Lombok. We wilden de kaartjes al kopen, maar dat kan niet. Deze zijn genummerd en men moet per boot kunnen zien hoeveel kaartjes er verkocht zijn. Dus we zijn de volgende morgen om 7 uur bij kantoor 1 en kopen voor 28.000 Rupiah elk een kaartje.
Daarna hebben we nog heerlijk gegeten in Warrung Pantai Aya. Heerlijk voldaan kijken we uit over de haven en zien een boot richting Lombok vertrekken. Goh, wat hebben wij toch een fijne vakantie.
2 augustus, kaartjes gekocht. We hebben uiteindelijk een prima buitenplaats op een redelijk moderne boot. Mooie overtocht en tegen 12 uur zijn we in Lembar. We pakken de route op. Je merkt direct dat op Lombok de Moslims in de meerderheid zijn.
We fietsen een prachtige route over slecht wegdek door kleine dorpjes. De mensen zijn druk met de rijstoogst op het land. Mooie beelden die groepen vrouwen en mannen met die puntstrohoeden. Op de weg lopen oude mannen met aan een stok die dwars over de schouders gedragen wordt, waaraan aan de uiteinden grote mengen gesneden rijst hangen. Groepen vrouwen en mannen zitten in de schaduw te pauzeren en zwaaien vrolijk naar ons. Vrouwen zitten voor hun hutjes elkaar te luizen. Het gevoel van indringer zijn overvalt mij, ik zie armoede en voel me bedrukt. Maar toch ontdek ik steeds mooie plaatjes en blijf gefascineerd.
Aan de westkust stoppen we en we nemen voor twee dagen een bungalow met zeezicht. Even uitrusten en ik hoop dat mijn longen tot rust komen, want de rondrit Lombok kent pittige klim’s. En zo als ik me vandaag voel, kan ik niet klimmen.
4 augustus, we hebben besloten de rondrit niet met de fiets te maken, maar we hebben een auto gehuurd. Prima oplossing vind ik zelf, zeker gezien mijn conditie op dat moment, veel hoesten, benauwd etc. Dus Fred rijdt, hij heeft een internationaal rijbewijs opgehaald. Het is inderdaad flink heuvelig, maar een erg mooie kustweg. De dorpjes / hutjes worden steeds armoediger. De Rinjani is vandaag mooi in beeld. Op weg naar Labuan Padan, Oost Lombok, zien we verschillende overstromingen. Tijdens het regenseizoen zijn hier stukken weg weggespoeld, bruggen afgebroken en een kwart slag gedraaid. Onvoorstelbaar. Men is druk bezig met herstelwerkzaamheden. Teren met de hand. Met kleine blikken vol vloeibare teer lopen mannen en vrouwen over de weg? De omgeving wordt steeds desolater en bereikt voor mij het toppunt bij Belanting. Daar moeten we helemaal om rijden. De modderstroom heeft hele hutten mee genomen. De mensen zijn bezig alles weer op te bouwen. Op dezelfde plaats. Een ding is zeker, er komt over enkele maanden weer een regenseizoen.
In Labuhan Pandan zoeken we een slaapplaats.
5 augustus, de wekker staat op 6.15 uur en we slepen de stoelen naar het strand. We genieten samen van een volmaakte zonsopgang. Daarna rustig ontbeten, de andere twee stappen op de fiets en wij in de auto. Toch is het fietsend leuker. Je hebt een ander contact naar de mensen, je ziet de omgeving anders. We lopen over een deels overdekte markt. Wat een drukte, er wordt van alles verkocht. De kippen met de poten aan elkaar gebonden, het is handiger voor het transport, gezouten haivlees, ontelbaar veel kruiden, kleurrijke groente en fruit en kleding. Buiten de markt wachten tientallen cidemo’s. Die paardekarretjes kunnen enorm veel vervoeren. Zelfs een stel geiten die iemand op de markt gekocht heeft. De weg wordt steeds drukker. Onderweg koop ik nog een handgeweven sarong. Nu zetten we de eindspurt in richting Sengiggi. We willen nog tanken, maar er staat een enorme rij bij de tankstations en we rijden door. Uiteindelijk vinden we een waar we snel aan de beurt zijn. Terug in Batu Balong regelen we een transfer voor Gili Air.
6 augustus, ’s morgens met de shuttle naar Bangsal en wachten op de boot. We werden voor de haven afgezet. Wij dachten dat de boot ook naar aankomst (10 uur) zou varen. We moesten wachten tot die vol zat. Uiteindelijk heeft een fransman de nog twee open plaatsen gekocht (3.500 Rupiah) en we dachten nu gaan we. Toen begon men de boot vol te laden met groente, fruit,… er stapten nog zeker acht “verkopers” in en tegen 11.30 vertrok de boot. We voelden ons genomen, juist vanwege dat alles aan zou sluiten hadden we gezegd we betalen die 75.000 Rupiah p.p. voor een retourtje.
Op Gili Air aankomen werden we verrast door het feit dat de goedkopere accommodaties vol zaten. Dit hadden we niet verwacht. Dus de eerste nacht hebben we in het dure hotel Gili Air doorgebracht. Maar we zijn nog ’s middags op zoek gegaan naar wat anders. Bij Sandy’s konden we de volgende dag terecht. Leuke cottage voor 150.000 Rupiah. We waren er zeer tevreden mee.
‘s Middags zei ik nog tegen Fred wat mij betreft vertrekken we morgen hier weer. Want het was eb en niks mooi wit zandstrand. Het rif ligt er en dan kom je zeer slecht in zee. Je moet dan een flink eind over het rif lopen en dan buiten zwemmen. Maar daar is een flinke stroming. Fred heeft me een beetje kunnen afremmen en uiteindelijk viel het de volgende dag mee. Want het tij schuift hier snel door en ik kon tot ‘n uur of een in zee.
7 augustus, na een zeer luxe ontbijt (59 dollar kostte Gili Air) zijn we verkast naar Sandy’s. Ook hebben we nog geïnformeerd naar een adventure duik. Ik heb er toch nog vanaf gezien, ik kuchte nog flink en was bang dat het klaren niet zou lukken. Fred heeft voor die duikschool met het zwembad gekozen.
8 augustus, Fred heeft ’s ochtends instructieduiken in het zwembad. s’ Middags ben ik met de duikers naar buiten gevaren, Hans reef, en heb gesnorkeld. Helaas waren er geen turtles. Ook op de Gili geen perfect zonsondergang, maar het is volle maan. Dat levert een prachtig vergezicht op de Rinjani op. Naast Gili Meno verdwijnt de zon in de wolken net boven zee en aan de andere kant staat de maan. Kijk je naar Lombok (vaste eiland) zie de Rinjani met zijn buren in een surrealistisch gekleurde hemel prikken. Dit intrigeert me nog meer dan de zonsondergang.
9 augustus, Fred regelt een tweede duik. Hij wil toch nog de turtles zien. Ik mag weer mee. We varen naar Meno wall. Dit was nog even spannend. Maar we gingen naar Meno wall. Ik was net in het water aan het snorkelen en toen zag ik al de eerste schildpad. Echt dichtbij, 5 tot 10 m. Erg leuk, na drie/vier minuten zwom de schildpad naar beneden, ik heb haar nog een tijdje kunnen zien. Verder een beetje rond gesnorkeld, een school baracuda’s zwom onder mij. Ik moet flink zwemmen om terug tot de boot te komen. De stroming waarvoor hier gewaarschuwd wordt is echt fors.
Na ¾ komt Fred met Anne weer naar boven. Hij heeft het heel leuk gehad. Het koraal onder water voelt een beetje kleverig, Nemo’s (clownsvisjes) gezien. Zij zwemmen het koraal in en uit.
Tevreden varen we terug. We besluiten morgen Gili te verlaten en regelen al een cidemo voor de tocht naar de haven. Acht uur worden we bij de haven verwacht.
10 augustus, weer wachten bij de haven. De “agent” is er, de boot vertrekt om 8.30 uur en inderdaad 8.45 uur varen we! Tegen 9.30 uur is ook de shuttle in Bangsal en we zijn om 10.30 uur bij Batu Balong. We maken de fietsen klaar, eten nog even een saté samen en vertrekken even over 11 uur.
We fietsen flink door, het voelt weer fijn om op de fiets te zitten. Heerlijk, nog een paar dagen fietsen voor de boeg. Vlak voor Lembar neemt het tegemoetkomend verkeer enorm toe. Er is een boot aangekomen. Dus even flink door trappen. Om 13.15 uur zijn we bij de boot. Wat een aftandse boot. Volgens mij wordt die door verf bij elkaar gehouden. We blijven op het bovendek. Een slimme jonge verhuurt ons direct een plastic matras om er op te kunnen zitten/liggen.
We hadden de dag ervoor al een hotel in Padangbai geregeld. De man van het hotel staat al in de haven. Hij wist dat we met de fiets kwamen, nou als enige fietsers aan boord heeft hij ons gauw gezien. Prima hotel, de airco laten we nu sinds een week voor dat wat het is. We slapen uitsluitend met een fan. Mijn longen knappen op, die airco is funest voor mij. En na enkele dagen in de warmte wen je snel aan slapen bij 25 graden of meer. Scheelt ook verhoudingsgewijs veel in de kosten. Nu slapen we voor 100.000 Rupiah, met de airco kost die kamer 150.000 Rupiah.
11 augustus, we fietsen al vroeg naar Candidasa.
Tegen elf uur hebben we een mooi hotel gevonden, super leuke cottage met zeezicht. Fred speelt het pingelspel nu beter dan ik. 25 Dollar, we mogen er niet over praten. De eigenaar vroeg 70 Dollar. Candidasa is best een aardig dorpje, we gaan op zoek naar kleine, lichte souveniertjes.
11 augustus, onze laatste dag in Candidasa. De vakantie gaat nu echt ten einde.
Het is rustig op de weg, ik fiets voorop en wil naar de overkant om terug te fietsen. Ik kijk over mijn schouder en zie een scooter 100/150m achter mij. Behalve Fred, de scooter en ik is er geen verkeer. Dat gaat goed denk ik en zet de bocht in. Ik ben al met het stuur de andere richting op, opeens wordt de fiets onder me weggetrokken en ik vlieg door de lucht. Ik denk nog, wat krijgen we nou. Iets later lig ik op de grond en Fred zegt dat de scooter tegen mij achterwiel reed. Nou ik snap er niets van. De rechter onderarm is flink geschaafd, ik voel mijn heup en ook de ribben. Gelukkig ben ik niet op mijn hoofd gevallen. Ik had een helm gekocht, maar na discussies heb ik besloten zonder helm te fietsen en de helm ligt thuis. Volgend jaar fiets ik met helm! De volgende dag staan nog 90 km naar Kuta op het programma. In het hotel is men zeer begaan met mij en mijn verwondingen. Het fietsen de volgende dag zie ik niet meer zitten en Fred regelt vervoer naar Kuta. De fietsband is gemaakt en met losse achterrem valt er te fietsen!
Een jongen regelt via zijn moeder speciale bladeren, die ik in heet water moet laten trekken. Het geheel opdrinken en de bladeren opeten. Het lijkt wel slaapmiddel.
12 augustus, we rijden naar Kuta. In hang nog een beetje rond in het hotel. Tot overmaat van ramp heeft Fred zich vertilt en een stijve rug. De fietsen inpakken is een hele opgave.


15 augustus, we vertrekken om 6.30 uur vanuit het hotel naar het vliegveld. Net nadat we door de douane waren, knalt van een van de fietsdozen de bodem eruit. Gelukkig hadden we nog tape in de handbagage.
We halen opgelucht adem, als de fietsdozen met 30 en 31 kg geaccepteerd weggaan. Om 9.15 uur vliegen wij naar Singapore. Daar valt de regen met bakken uit een donkergrijze hemel. Wat een mazzel hebben wij qua weer gehad. Twee buien en die tijdens vervoer met de auto!
Zelfs de overstap van 1 uur in Frankfurt halen wij. En onze fietsen komen in Bremen te voorschijn. Een fietsdoos is helemaal aan flarden. Maar we missen niets.
Terug in Nederland, geen zomerweer meer, herinneringen aan een bijzondere reis zitten in ons hoofd. We zijn gelukkig met onze mooie ervaringen op Bali en Lombok.



Laatste update: 22-07-2010

DHTML JavaScript Menu By Milonic